Beter doen

Ik zit op de fiets, de benen draaien rond maar het vermogen ontbreekt. De kracht is net als de bladeren van de bomen verdwenen. Ik lijk meer tegen mijzelf te vechten als tegen de koude dikke wind. De glade paden voelen net zo listig als de negatieve gedachten in mijn hoofd. Zelfdestructie is een spiraal waarop ik snel naar beneden glijdt en de temperatuur van mijn mijmeringen snel die benaderen van de buitentemperatuur, eentje met een min ervoor. 

Ik wil het zo graag, beter doen vandaag. Beter dan gisteren, beter dan een een jaar geleden, beter dan ik het ooit heb gedaan. Alleen beter lukt niet altijd en het voelt eigenlijk meer als minder. Wat is het, dat het altijd beter moet of minimaal even goed? Wat is het wat ik ermee najaag? Wat is beter doen? Is het meer dan de onrust om niet meer goed genoeg te zijn? De onrust om niet meer mee te tellen? De angst om niet meer gezien te worden?

Zelfreflectie als spiegel om een rem te gooien op zelfdestructie. Het werkt niet altijd, maar naar mate de jaren verstrijken telkens beter. Durf ik mijzelf tellens meer de vragen te stellen, waar het antwoord al in verweven zit. Herken ik telkens meer de stenen waar ik mij al eens tegen gestoten heb. Herken ik de diepere laag waar de echte antwoorden te vinden zijn. Herken ik de onzekerheid. Erken ik telkens meer wie ik ben en mag ik telkens meer mijzelf zijn, van mijzelf.

Als het…. Als het niet…. Als het niet wil of gaat, beter of op de manier die ik voor ogen had. Dan, ja dan mag ik het beter doen voor mijzelf. Te temporiseren, beter rust te pakken. Te luisteren, beter naar het lichaam of geest. Te verstillen, beter om me heen te kijken. Te danken, beter intens te genieten van alles wat er is. Te kijken, om beter te zien waar ik anders aan voorbij was gegaan. Als het zo is, is het beter om het betere te doen.