Vooruit trekken of duwen

Van de week had ik een hardloopanalyse. In alle drukte was ik vergeten mijn hardloopschoenen mee te nemen, gelukkig wel goede sokken aan en na een mechanische analyse was het tijd voor de analyse op de hardloopband. De reden is dat ik, na jaren geleden een dubbele zweepslag in mijn hamstring te hebben gehad, niet meer zo vrij loop als daarvoor. Het was soms het gevoel alsof ik mezelf vooruit sleepte. De krachtige afzet was veranderd in een voorzichtig loopje. Ik hield mezelf voor dat gewoon kunnen lopen belangrijker is dan lopen met de kracht die ik voorheen voelde. Natuurlijk is dat ook laatste ook zo, maar niet als het nog niet zo hoeft.

Uit de analyse kwam naar voren dat ik een soort van zittend aan het rennen ben. Als ik weleens langs etalages rende en me zelf zag lopen dan zag ik altijd mijn buik zo naar voren steken. Nou dat klopt dus ook. Volgens de fysio die het onderzoek deed een veel voorkomend probleem bij mensen met een zittend beroep en fietsers. Twee dikke vinkjes voor mij. Wat leidt tot verkorte spierlengte heupbuigers (iliopsoas/rectus femoris), quadriceps en hamstring (re). Hierdoor heb ik verminderde actieve stabiliteit / controle vanuit heupspierketen. Hierdoor is mijn voorkeurshouding om met mijn bekken voorovergekanteld te rennen. Waardoor de bilspieren minder makkelijk geactiveerd kunnen worden bij het strekken van de heupen. Dit leidt tot compensatie vanuit de hamstring (wat uiteindelijk weer zorgt overbelasting). Klinkt logisch allemaal, maar het effect is dat ik mijn voeten te ver voor mijn lichaam laat landen en als het ware mezelf vooruit trek, vooruit sleep met hardlopen. In plaats van dat ik mijzelf veerkrachtig vooruitduw.

Vaak zeg ik in de vergelijkingen, in de metaforen van het fietsen en lopen, dat het zo herkenbaar en toepasbaar is voor het leven. Maar bij het schrijven hiervan voel ik de momenten van slepen in het leven naar boven komen in de tranen achter mijn ogen. Ik kan zeggen dat ik veerkrachtig was en mijzelf er doorheen heb geduwd. Maar minstens even zo vaak is het ook slepen en trekken geweest. Door alle decennia zijn er kortere maar soms ook hele lange periodes geweest dat ik weinig geloof meer had in een levenskrachtige loop. Dat het de routine was om het maar zo aan te passen dat overleven belangrijkers was dan leven. 

Het was niet de bedoeling om er een zwaar stukje van te maken. Was het leven soms maar zo simpel dat het woord over nooit voor leven was gezet. Wat ik wel wilde meegeven is iets van herkenbaarheid. Of misschien beter gezegd erkenning. Erkenning voor degene die nog meer dan ik gevechten voor het leven hebben gevochten of nu met hun grootste strijd bezig zijn. Net als dat het belangrijker is dat ik loop in plaats van hoe, zo is overleven dat ook in relatie tot het leven. Maar hoe mooi zou het zijn dat het woord over gewist wordt voor leven. Dat zou pas hemels zijn. Om meer van die hemelse momenten te proeven is waarvoor ik wil (over)leven.

Voor nu is met het hardlopen het advies: “iets krachtigere pas naar achteren vanuit de bil!” en probeer hierbij veerkrachtig te lopen. Voor het leven zou ik bijna zeggen hetzelfde, heup naar achteren kantelen, borst naar voren, schouders naar achteren. Het lopen mag meer zijn dan alleen lopen. Het leven is meer dan alleen (over)leven. Het is iets wat ik allebei krachtig mag en wil doen, mijzelf vooruitduwend in een veerkrachtige loop.