
Leef, leef, leef
De afgelopen dagen heb ik in mooie winterse omstandigheden gelopen. Met iedere stap die ik door de knisperende sneeuw zette, zette ik ook iets van de afgelopen tijd weg. Hoe verder ik kwam, hoe makkelijker ik liep. Natuurlijk nam de fatigue wel toe. Maar het was een lichamelijke vermoeidheid, in het koppie was het omgekeerde proces gaande. Ontstond er ruimte om weer vooruit te kijken.
Zo voelde ik me de laatste tijd minder energiek, een behoorlijke opgestapelde fatique. Het kan liggen aan de kortere, donkere dagen. Het kan liggen aan de drukte. Toch merkte ik telkens meer dat de oplossing vinden niet lag bij het achterhalen van de oorzaak. Want dat is de logica, haal de oorzaak weg en dan is het probleem ook opgelost. Alleen kunnen niet alle problemen opgelost worden. Er zijn dingen die ik simpelweg moet accepteren, omarmen, mee dragen. Toch merkte ik dat ik te weinig gehoor gaf aan het doorbreken van ingeslopen patronen.
In dit soort periodes in het leven, helpt het om als ik even alleen ben, een klein moment te nemen om een woord herhalend uit te spreken. Om de echo ervan op te vangen, het te laten resoneren. Vertragend, fluisterend, het uit te schreeuwen, een pauze er tussen te laten. Dit om de betekenis dieper te laten landen. Om het gevoel bij het woord op te nemen of juist los te laten. Mijn naam achter of voor het woord, de woorden te zetten.
Met zo’n twee uur hardlopen is er tijd. Tijd voor overdenken, tijd voor leegte en tijd om te worstelen. Want het eerste uur gaat de afgelopen tijd wat minder vanzelf en vraag ik mezelf af waar ik aan begonnen ben. Zoek ik naar plausibele argumenten om mezelf te overtuigen om het bij een uur te houden. Toch weet ik dat ik het patroon alleen doorbreek om door te gaan. Verrassend genoeg is toen de worsteling stopte, de gedachten verstilden, het lopen versoepelde. Met de sneeuw in het gezicht, het geknisper onder de schoenen, de wind in de rug en de echo van wat woorden was het een mooi tweede uurtje.
