Tijd is niet de dominante factor

Voor alles is er een tijd, zou er dan ook een tijd zijn voor geen tijd. Waar er oneindig ruimte is voor verwondering, voor verstilling. Dat het dan is als die ene golf waar je oneindig op door kan surfen. Dat de zon in de perfecte hoek door de bomen blijft schijnen en met haar licht bundels het oranje van de gevallen bladeren blijvend doet oplichten. Dat morgen niet meer relevant is en gisteren een oneindigheid geleden. Dat er geen zomertijd en wintertijd meer is, maar gewoon alle tijd. 

Van de week had ik even een middag de tijd voor mezelf gepakt. De gravelbike achter in de auto gelegd en de grens van Nederland en Belgiƫ onder Breda opgezocht. Even de ruimte en rust opzoeken over de onverharde paden. Waar de plassen als stille getuige van de natte dagen op mij lagen te wachten. Waar de bladeren verspreid in meerdere lagen over het pad lagen. Als een voorteken voor de koudere en kortere dagen die nog komen gaan.

Toen ik door een laan van vallende balderen van Amerikaanse eiken aan het fietsen was, die met hun taken met mooie bogen naar de hemel reikten, zag ik een schilder achter zijn ezel staan. In de ene hand een doos aan verschillende krijtjes, in de andere hand het krijtje om de volgende laag kleur aan te brengen. Ik kon niet anders dan even te stoppen en te kijken naar de lagen die over elkaar heen waren gelegd. We raakten aan de praat en ik kreeg een mooie les in werken met krijt en over de tijd. Want die was in het maken van een kunstwerk niet de dominante factor.

Het was zoals ze op zijn Vlaams zeggen een plezant gesprek en we gingen allebei verder om ons te amuseren in en van de prachtige herfstmiddag. De een met de volgende laag in gedachte die aan het papier toevertrouwd ging worden, de ander met nog kilometers zand, gravel en modder voor de boeg. Allebei even los van de tijd. Los van gisteren, los van morgen, even helemaal in het nu.